Gratis entree
Ventoselaan 1, Eindhoven
26 juni t/m 12 juli
Opening: vrijdag 26 juni 19.00
Zaterdags & zondags | 14.00-19.00
Bij TAC willen we de essentie van kunst onderzoeken, los van de identiteit van de kunstenaar. Maar hoe? Kunnen we de kunst scheiden van de kunstenaar? Wat hebben een naam, achtergrond en ervaringen met werk te maken? Alles. Niets. In deze tentoonstelling onderzoeken we wanneer kunst voor zichzelf spreekt. Anonymous is een terugkerend onderdeel van ons jaarprogramma. Alle kunstenaars worden anoniem geselecteerd, uitsluitend op basis van hun werk.
WERK
Where the ducks once were
Dit werk is een reconstructie van een kindertekening van de kunstenaar, die inmiddels verloren is gegaan in haar geboortestad in het bezette Oekraïne. In het werk ontbreekt één tegel, precies op de plek waar haar grootmoeder haar hielp eenden te tekenen in de oorspronkelijke afbeelding. Ooit hoopt de kunstenaar het werk te voltooien met een tegel die van thuis wordt meegebracht. Tot die tijd blijft het werk, zwevend tussen voltooiing en afwezigheid, wachten.
Where the Ducks Once Were probeert iets opnieuw op te bouwen dat nog niet hersteld kan worden. Het draagt een identiteit die gevangen zit tussen fragmenten van verleden en heden en stelt de vraag: “Wat betekent het om ergens bij te horen wanneer die plek onbereikbaar is, maar nog altijd bepaalt wie je bent?”
Ev şîwen û şahî tew’eman in / these sorrows and festivities are twins
Dit werk wortelt in gefragmenteerde herinneringen uit de diaspora. Het project draagt herinneringen aan het geboortedorp van de kunstenaar, Qele, en aan de tradities die verweven zijn met zijn bewoners, huizen en bodem. Het onderzoek verkent de vele lagen van verbondenheid met Qele: van het gezinsleven en de relatie van de kunstenaar met zijn moeder en grootmoeder, tot het huis, de geborduurde kussenslopen en de tapijten die vloeren en muren bedekten; van het landschap, de bergen en de aarde tot de Koerdische identiteit als geheel.
De kunstenaar zocht naar sporen van Koerdische tapijt- en vloerkleedpatronen in de omgeving van Moriya tijdens een drie maanden durende onderzoeksresidentie bij het ARCUS Project in 2025.
Foto door Kato Hajime
Smile
Vooral de creatie van organoïden* uit menselijke hersencellen roept ethische vragen op, omdat dit mogelijk zou kunnen leiden tot een mensachtig bewustzijn dat bestaat in petrischaaltjes. Vanuit dit idee onderzoekt Smile de identiteit en subjectieve ervaringen van deze in laboratoria gekweekte mini-organen, die afkomstig zijn van menselijke donoren.
Schilderijen van familiefoto’s – geïnspireerd op de fotografische schildertechniek van Gerhard Richter – tonen orgaanachtige figuren tussen mensen en omgevingen, en suggereren zo een persoonlijke geschiedenis en verwantschap. Zullen organoïden dezelfde jeugdherinneringen en familieleden hebben als hun menselijke donor? Of zijn deze organoïden niets meer dan onpersoonlijke hoopjes cellen, niet in staat betekenis te geven aan hun bestaan? En in hoeverre is een herinnering een feit, of juist een constructie?
*Organoïden zijn orgaancellen afkomstig van menselijke patiënten die in laboratoria worden gekweekt tot zelforganiserende driedimensionale structuren die de werking van volgroeide organen nabootsen. Ze worden onder meer gebruikt voor de ontwikkeling van medicijnen en kunnen dienen als levende transplantaten voor beschadigde delen van organen. Deze microscopische weefsels hebben een bijzonder karakter: het zijn abstracte maar multifunctionele levensvormen; beschermd tegen beschadiging door hun glazen en siliconen omgeving; ingezet om ziekte en orgaanschade te voorkomen; maar ook eigenzinnige levensvormen die zich ontwikkelen, ongecontroleerd kunnen groeien en uiteindelijk sterven. Met andere woorden: zij kennen een unieke bestaansvorm en levenscyclus.
Dead animals with a backstory
The real Brian Wilson
The Real Brian Wilson
is een gemeenschapsgericht project dat onderzoekt hoe identiteit instabiel wordt wanneer zij verbonden is aan een gedeelde naam. Het project begon in 2015 met een open oproep en een online platform waarop mensen met de naam Brian Wilson werden uitgenodigd hun persoonlijke verhalen te delen. Samen vormen deze bijdragen een verspreid portret, gecreëerd door meerdere, onderling niet verbonden deelnemers.
Voor deze presentatie is het werk opgezet als een een- of tweekanaals video-installatie die de spanning onderzoekt tussen individuele ervaring en collectieve identiteit. In het ene videokanaal volgt de kijker een solitaire Brian Wilson in Noord-Ierland, bewegend door een landschap dat zelf een complexe relatie heeft met identiteit, terwijl hij fragmenten tegenkomt van een groter netwerk van naamgenoten. Het tweede kanaal, wanneer aanwezig, toont een bijeenkomst van Brian Wilsons in Schotland, waar de naam niet langer onderscheidend werkt maar juist een punt van samenkomst wordt.
In beide kanalen functioneert de naam “Brian Wilson” minder als aanduiding van één persoon dan als een gedeeld construct dat circuleert tussen individuen, plaatsen en verhalen. Het werk presenteert identiteit als iets dat bewoond, herhaald en losgekoppeld kan worden van auteurschap, waardoor betekenis ontstaat door opeenstapeling in plaats van door één enkele oorsprong.
The symphony of names: no man is an island
The Symphony of Names: No Man Is an Island is een eenkanaals videowerk met stereogeluid, samengesteld uit een oorspronkelijke vierkanaals installatie en meerkanaals geluidscompositie. Het project onderzoekt hoe identiteit verschuift wanneer namen niet langer functioneren als unieke identificatiemiddelen.
Geïnspireerd door het IJslandse naamgevingssysteem, waarin achternamen niet fungeren als vaste markeringen van afstamming, beschouwt het werk namen als gedeelde en herhaalbare elementen in plaats van unieke aanduidingen. Een jonge jongen beweegt zich door het IJslandse landschap terwijl een gelaagd koor van stemmen namen uit het officiële bevolkingsregister reciteert. Naarmate de namen zich opstapelen, ontstaat een gestructureerd maar instabiel klankveld dat balanceert tussen herkenbaarheid en abstractie.
In deze presentatie worden meerdere perspectieven samengebracht in één kader, wat het idee versterkt dat identiteit niet vaststaand of individueel is, maar verspreid ligt over taal, herhaling en collectieve stemmen. Auteurschap vervaagt en de naam verandert van een teken van individualiteit in een systeem dat iedere afzonderlijke persoon overstijgt.
Aangenaam
Als transraciaal geadopteerde komt het onderwerp identiteit vaak naar voren. Het is echter een identiteit die voortdurend van buitenaf ter discussie wordt gesteld, nog voordat er ruimte is om er van binnenuit over na te denken. Aangenaam bestaat uit twee stroomschema’s, geïnspireerd op de beruchte vraag: “Waar kom je écht vandaan?”. De banners zijn opgebouwd uit de vele vreemde en ongemakkelijke, maar waargebeurde gesprekken die de kunstenaar gedurende haar leven met uiteenlopende mensen heeft gevoerd. Het ene schema speelt zich af in het land waar de kunstenaar is opgegroeid, het andere in het land waar zij geboren is. Hoewel deze gesprekken vaak voortkomen uit nieuwsgierigheid, nemen ze regelmatig een vreemde wending en zijn ze gebaseerd op vooronderstellingen. Uiteindelijk plaatsen ze degene aan wie de vragen worden gesteld in de positie van de ander.
Video performance
In de videoperformance 不会 worden de karakters 我不会说中文 (wǒ bú huì shuō zhōngwén) herhaaldelijk op een kalligrafie-oefenblad geschreven. De karakters worden met water geschreven en verdwijnen na verloop van tijd. De zin betekent: “Ik spreek geen Chinees.” Het was de eerste zin die de kunstenaar in haar moedertaal leerde toen zij als Chinees geadopteerde terugkeerde naar China. Het werk en de herhaling ervan vormen een spiegel van het aantal keren dat de kunstenaar zichzelf moest uitleggen. Het weerspiegelt de frustratie van voortdurend haar tekortkoming en positie als buitenstaander te moeten blootleggen, zelfs in haar geboorteland.
Human Layer
De kunstenaar presenteert vier werken uit de serie Human Layer. In deze serie creëert zij met behulp van AI-modellen fictieve posthumane, postapocalyptische landschappen. Deze worden op canvas geprint en vervolgens overschilderd met een abstracte substantie. Voor de kunstenaar is schilderen een intuïtieve en eerlijke vorm van artistieke expressie, die zich verzet tegen de anonieme logica van het gegenereerde beeld.
Tegelijkertijd weerspiegelt Human Layer een verschuiving in de manier waarop de werkelijkheid wordt waargenomen en vervangen. De landschappen ogen geloofwaardig, maar zijn gegenereerd; ze lijken mogelijke documenten van de wereld, maar zijn fictief. Deze onzekerheid tussen het echte en het synthetische creëert een verstilde, melancholische schoonheid.
[K-ODORANT]
Een bekende Koreaanse honkbalspeler vertelde ooit dat hij, nadat hij zich had aangesloten bij de Major League Baseball in de Verenigde Staten, na het eten van geroosterde knoflook grote hoeveelheden kaas at om de geur ervan te maskeren.
De kunstenaar had een vergelijkbare ervaring na zijn verhuizing naar Europa, waar de geur van knoflook vaak als ongewenst wordt beschouwd. In het thuisland van de kunstenaar is knoflook een onmisbaar ingrediënt dat in vrijwel elk gerecht wordt gebruikt en een diepe culturele betekenis heeft. Volgens de Koreaanse stichtingsmythe werd de eerste voorouder van het Koreaanse volk namelijk mens nadat hij honderd dagen lang knoflook had gegeten. In een poging zich aan te passen aan de westerse samenleving vermeed de kunstenaar het eten van knoflook en probeerde hij de geur ervan uit te wissen.
De installatie presenteert een lanceringsdisplay voor een fictief product genaamd K-ODORANT. Terwijl K-beauty al jarenlang wordt geëxporteerd via beelden van verfijning en zuiverheid, is de lichaamsgeur van knoflook – een van de meest herkenbare geuren uit het alledaagse Koreaanse leven – in het buitenland iets geworden dat verborgen moet worden.
Door de beeldtaal van K-beauty over te nemen, is K-ODORANT zowel een merk als een verklaring van een nieuwe productcategorie. Hoewel het de vorm heeft van een conventionele deodorant, is het bedacht als een tegenobject van de deodorant. In plaats van lichaamsgeur te elimineren, is het ontworpen om juist een naar knoflook geurende lichaamsgeur te creëren.
Het werk fungeert als een middel dat mensen uitnodigt om bewust te kiezen voor een geur die lange tijd is afgewezen. De kunstenaar stelt de vraag of het afwijzen van knoflook niet een zelfopgelegde mythe is geworden, gevormd door de internalisering van maatschappelijke normen. Daarnaast onderzoekt het werk hoe geur – als een onzichtbaar medium – de grenzen van menselijke relaties kan hertekenen en kan veranderen wat als sociaal aanvaardbaar wordt beschouwd.